Actuele notities

 

En de kolonist hij bouwde verder

 

Er gaat bijna geen maand voorbij of er worden nieuwe aanbestedingen voor de bouw van woningen in de Israëlische kolonies aangekondigd. Op 21 januari meldde de Israëlische ngo Peace Now dat de Israëlische regering de plannen had goedgekeurd voor de bouw van 381 woningen in de Israëlische kolonie Givat Zeev ten zuiden van Ramallah. In dezelfde week werden de plannen voor de bouw van 261 woningen goedgekeurd: 256 woningen in de kolonie Nofei Prat en 5 woningen in de kolonie Ariel in het noorden van de bezette Palestijnse Westbank (Métro, 23.1.2014, p. 6).

Een commissie van het Israëlische ministerie van Landsverdediging gaf half maart zijn toestemming voor bouwplannen van 2 269 woningen in zes verschillende kolonies (Le Soir, 21.3.2014, p. 13).

Volgens de officiële statistieken werden er in 2013 in de bezette Palestijnse Westbank 2 534 Israëlische woningen gebouwd tegen 1 133 wooneenheden in 2012 (Métro, 4.3.2014, p. 4). Op de bezette Westelijke Jordaanoever, met inbegrip van Oost-Jeruzalem, zouden in totaal 575 000 kolonisten wonen (Le Monde, 12.3.2014, p. 18). In de huidige vredesgesprekken eist de Israëlische premier de annexatie van vier grote kolonies. Naast de drie grote blokken Ma’aleh Adumim, Gush Etzion en Ariel die samen 360 000 kolonisten telt, wil hij nu ook een vierde blok inlijven: de kolonies Psagot en Ofra rond Beit El. Deze annexatie zou de stad Ramallah gedeeltelijk afsluiten van de rest van de Westbank.

 

Het geweld van de kolonisten

 

Op 25 februari 1994 schoot de kolonist Baruch Goldstein 29 Palestijnen dood in de moskee van het graf van de patriarchen in Hebron. Twintig jaar later zijn het duizenden kolonisten die in heel de Westelijke Jordaanoever Palestijnen terroriseren: fruitbomen worden ontworteld, boeren worden geslagen, Palestijnse auto’s worden in brand gestoken en soms worden zelfs Palestijnse burgers vermoord.

Volgens de cijfers van de VN-organisatie OCHA zijn de gepleegde gewelddaden met verwondingen of materiële schade tussen 2010 en 2011 met 32% gestegen. Tegenover 2009 bedraagt het zelfs een stijging met 144%. In 2011 werden 5 Palestijnse burgers (waaronder 2 kinderen) gedood en meer dan 1000 Palestijnen (waaronder een vijfde minderjarigen) gewond.

Tijdens de maanden van de olijfpluk van half september tot eind november stijgt het geweld van de kolonisten. In 2012 heeft de Palestijnse ngo Al Haq in de plukperiode meer dan 29 gewelddaden tegen Palestijnse boeren en 747 vernielde olijfbomen geïnventariseerd. Over het hele jaar 2012 werden meer dan 7500 olijfbomen door kolonisten beschadigd of vernield. In hetzelfde jaar 2012 heeft OCHA 359 incidenten met verwondingen of materiële schade vastgesteld (Palestine, Nr. 59, januari 2014, p. 12: L’institutionalisation de l’impunité).

In 2008 hebben georganiseerde groepen kolonisten de campagne “Prijskaartje” gelanceerd. Deze kolonisten reageren met wraakacties tegen de Palestijnen telkens ze vinden dat de Israëlische regering beslissingen nemen die indruisen tegen hun belangen. Zo hebben kolonisten in oktober 2010 een meisjesschool bij Nabloes op de Westelijke Jordaanoever in brand gestoken en op de muur van het gebouw de mededeling “groeten uit de heuvels” gespoten

(http://zaplog.nl/zaplog/article/brandstichting_in_palestijnse_meisjesschool_op_westoever).

 

Khan-al-Amar: Israël neemt 'illegaal' speeltuintje van Bedoeïnen in beslag

Khan al-Amar 7.12.2011 foto Anne Paq

http://chroniquespalestine.blogspot.be/2011/12/demolition-again-in-khan-al-ahmar.html

 

Khan al-Amar ligt ten oosten van Jeruzalem en tussen de twee Israëlische kolonies Ma'ale Adumim en Kfar Adumim op de bezette Westelijke Jordaanoever. In Khan al-Amar wonen al decennia 250 bedoeïenen afkomstig van families die in de nasleep van de oorlog van 1948-49 door de zionistische milities uit de Naqab (Negev-woestijn) werden verdreven. Het schooltje voor zowat 120 leerlingen, vooral meisjes tussen zes en dertien jaar, is gebouwd met hulp van de Europese Unie. De inwoners van de Israëlische kolonie Kfar Adumim waren al drie maal naar de rechter gestapt om de ontruiming en de sloping van het schooltje te eisen. Op 13 september 2012 verwees de rechter hen naar de Israëlisch Civiele Administratie (ICA). De ICA liet weten dat de ontruiming door kon gaan zoals gepland, zonder echter een precieze datum te vermelden.

Op 27 februari vergezelde een medewerker van het Italiaanse consulaat twee trucks die een schommel, een glijbaan met een tunnel, en twee ladders aan de bedoeïenengemeenschap van Khan al-Amar moesten leveren, naast enkele zakken cement om de speeltuigen stabiel IN de grond te bevestigen. De inspecteurs van de ICA namen de schenking nog tijdens het afleveren in beslag omdat de constructie van het speeltuintje volgens hen illegaal WAs (De Standaard, 1,3,2014, p. 27 http://www.standaard.be/cnt/dmf20140228_01004357).

Lees ook:

http://www.haaretz.com/news/middle-east/.premium-1.576978

http://www.aivl.be/nieuws/update-gedwongen-verplaatsing-van-de-jahalin-bedoeienen/42114#.UycQ2c6VkSY

 

Ook in de Jordaanvallei worden woningen gesloopt en Palestijnen verdreven

 

volgens een rapport van de VN-organisatie OCHA heeft Israël In 2013 tweemaal meer Palestijnse gebouwen gesloopt en twee keer zoveel Palestijnen in de Jordaanvallei verplaatst dan in 2012. In 2013 zijn in de Jordaanvallei in totaal 124 woonhuizen met de grond gelijk gemaakt, waardoor 339 Palestijnen (van wie 170 minderjarigen) dakloos werden (Soemoed, jan-febr 2014, p. 2). De tenten maar ook de bezittingen worden door de Israëlische bulldozers platgewalst: keukengerief, matrassen, dekens, voedsel, kortom voorwerpen die door het Rode Kruis en internationale ngo's zoals Oxfam werden geschonken. Ook bouwvergunningen worden systematisch geweigerd.

Om hier tegen te protesteren besliste het Internationaal Rodekruiscomité (ICRC) op 6 februari om geen tenten meer te leveren omdat die toch door het Israëlische leger in beslag worden genomen (Le Soir, 8.2.2014, p 12).  Het ICRC heeft de Israëlische regering opgeroepen om de huisverwoestingen met onmiddellijke ingang te stoppen.

Op 30 januari werd het bedoeïenenkamp van Khirbet Um-al-Jamal op 12 km ten oosten van Tubas door twee Israëlische bulldozers verwoest: 66 personen (onder wie 36 kinderen) van de familie Kaabneh werden dakloos (Le Monde, 28.2.2014, p. 4). In september 2013 werd Kirbet al-Markoul viermaal met de grond gelijk gemaakt. Ook het dorp Ein al-Hilwe werd half december 2013 door twee Israëlische bulldozers platgewalst (Victoria Brittain, L'annexion surnoise continue, in Afrique Asie, maart 2014, p. 54-55)

De Jordaanvallei heeft een oppervlakte van 2 400 km² en is rijk aan water en vruchtbare grond. Bovendien grenst het aan Jordanië. Tijdens de vredesgesprekken eist Israël daarom het behoud van de Israëlische soldaten in deze zone.

(Lees ook: Laurent Zecchini, Israël veut annexer la vallée du Jourdain au nom de sa sécurité, in Le Monde, 11.1.2014, p. 3 http://www.lemonde.fr/international/article/2014/01/10/israel-veut-annexer-la-vallee-du-jourdain-au-nom-de-sa-securite_4345919_3210.html).

 

Democratie op zijn Israëlisch: de kiesdrempel wordt verhoogd

 

Op 11 maart heeft het Israëlisch parlement de wijziging van de kieswet goedgekeurd  met nare gevolgen voor de toekomstige parlementaire vertegenwoordiging van de Palestijnen. De Palestijnen binnen de grenzen van voor juni 1967 vertegenwoordigen 20% van de Israëlische bevolking. De Palestijnse burgers hebben echter slechts 11 op 120 zetels behaald bij de laatste verkiezingen van 22 januari 2013. Bij de onderhandelingen over de regeringsvorming worden de Palestijnse politieke partijen systematisch uitgesloten. Nu komt er nog een hindernis bij. De kiesdrempel zal nu 3,25% bedragen. Dit is slecht nieuws voor de kleine politieke partijen en onder meer voor de Palestijnse partijen zoals Balad, Hadash en Ra'am -Ta'al die elk heel moeilijk meer dan 3,25% van de totale stemmen zullen behalen en dus dreigen geen vertegenwoordigers meer in het Israëlisch parlement te hebben.

 

Democratie op zijn Israëlisch: kantoor van Addameer door leger bestormd

 

Addameer is een mensenrechtenorganisatie die opkomt voor de rechten van de Palestijnse politieke gevangenen en onder meer de quasi dagelijkse, meestal nachtelijke arrestaties door de Israëlische bezettingsmacht aanklaagt. Bovendien veroordeelt ze het voortdurend bestoken van de Palestijnse civiele maatschappij door de Israëlische bezettingsmacht.

In de vroege uren van 25 februari vielen Israëlische soldaten de kantoren van Addameer in Nabloes binnen. Vijf bedienden werden in hun eigen woning gearresteerd. Fares Abu Hassan, de directeur van Addameer werd thuis door 35 soldaten met honden aangehouden. De deur van zijn huis werd met explosieven geopend terwijl zijn vrouw met zes kinderen, van wie een baby van amper drie maand, in de woning verbleven. Het hele huis werd over hoop gehaald waarbij persoonlijke zaken werden vernield. Ze namen ook gsm's, lap tops, iPads en persoonlijke papieren mee. De bestorming duurde twee uur: de directeur werd de hele tijd van zijn gezin gescheiden. Daarna werd hij voor ondervraging naar het detentiecentrum Petah Tikva gevoerd.

Ook het huis van Osama Maqboul, de advocaat van Addameer, werd door  het Israëlische leger omsingeld. Vijftien soldaten vielen zijn huis binnen, doorzochten zijn woning, beschadigden persoonlijke zaken, namen een gsm, een laptop en geld mee en voerden hem weg. 

Ook Narim Salem, de secretaris van Addameer, werd voor ondervraging naar het detentiecentrum Petah Tikva gevoerd. Haar computer werd meegenomen. Nog vier andere personen werden gearresteerd: de advocaat Mohammed Abed, de journalist Ahmad Bitawi, de oud bediende Amer Sharif, alsook bdel Razek Farraji van het Agricultural Workers Committee.

Bron:  http://www.addameer.org/etemplate.php?id=666.

 

Rel rond toespraak van de voorzitter van het Europees Parlement in Israël

 

Op 12 februari hield Martin Shulz, de voorzitter van het Europees Parlement, een toespraak in de Knesset, het Israëlische parlement. Hij zei dat een jonge Palestijn hem verteld had dat Israëli's tot vier maal meer water gebruiken dan de Palestijnen. Hij merkte ook op dat Israël een blokkade rond de Gazastrook organiseert.

De Israëlische minister van Economie, Naftali Bennett verliet meteen het Israëlische parlement. Volgens Bennet vertelde Schulz leugens: “Ik blijf niet in de Knesset zitten om een Europeaan zulke dingen te horen zeggen, en al zeker niet in het Duits.” (De Standaard, 13.2.2014, p. 19).

Benett die pleit voor een eenzijdige annexatie van een deel van de Palestijnse bezette gebieden, eiste excuses van Schulz en ook de Israëlische premier Benjalmin Netanyahu zei dat Europeanen al te snel kritiek uitoefenen op Israël zonder eerst de feiten te checken.

 

Lijst van Amerikaanse antisemieten wordt steeds langer: John Kerry, Philip Roth

 

Op 2 februari 2014 zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry in Munchen dat Israël een economische boycot te wachten staat als het er niet in slaagt om tot een vredesakkoord met de Palestijnen te komen.

Deze verklaring viel niet in goede aarde. Verschillende Israëlische ministers beschuldigden Kerry van instemming met de antisemitische inspanningen om Israël sancties op te leggen. De Israëlische minister van Economie, Naftali Bennett verklaarde: “We verwachten van onze vrienden in de wereld dat ze aan onze zijde staan tegen de pogingen om Israël een antisemitische boycot op te leggen, en niet dat ze als spreekbuis van de boycot optreden.” (The Daily Telegraph, 3.2.2014, p. 15). Lees ook http://www.smh.com.au/world/john-kerry-backing-antisemitic-efforts-says-israel-20140203-hvaxq.html

 

Philip Milton Roth is een Amerikaanse auteur die in 1933 geboren werd als kind van tweede-generatie Joods-Amerikaanse ouders. Naar aanleiding van het boek “Roth, een schrijver en zijn boeken” van Claudia Roth Pierpont schreef Jamal Ouariachi in zijn recensie over de kritiek op zijn “antisemitische” publicaties: “Toen de jonge Roth (...) een kort verhaal publiceerde waarin een niet zo sympathieke joodse jongeman voorkomt, roerden zich allerlei kopstukken uit de Joodse gemeenschap. Roth zou een self-hating Jew zijn, die de vuile was buiten hing en daarmee antisemitisme in de hand werkte.” De roman Portnoy's Complaint (1969) werd in een Israëlische krant omschreven als het boek waar “alle antisemieten om hebben gebeden”. Het betreft een komedie over de seksuele frustraties van een joodse jongeman, opgegroeid in een overbeschermd gezin. (Jamal Ouariachi, De Kracht van ontregeling Philip Roth, in De Morgen, 12.3.2014, Boeken 2)

 

Deutsche Bank plaatst Hapoalim op lijst van ethisch aanvechtbare investeringen

 

Deutsche Bank, de grootste bank van Duitsland, heeft een "moreel investeringsplan" gelanceerd voor investeerders die zich ervan willen verzekeren, dat hun geld niet wordt besteed voor een onethisch gebruik, wat onder meer slaat op maatschappijen die in problematische domeinen werkzaam zijn, zoals de productie van mijnen en nucleaire wapens.

Deutsche Bank heeft de Israëlische bank Hapoalim opgenomen in een lijst van maatschappijen die ethisch in vraag te stellen zijn voor investering, aldus de Israëlische website Walla op maandag 3 maart. In Israël wordt vermoed dat Hapoalim werd geviseerd omwille van zijn activiteiten in de kolonies.

Eerder deze maand heeft Danske bank, de grootste bank van Denemarken beslist om Hapoalim op een zwarte lijst te plaatsen omwille van zijn betrokkenheid bij het financieren van de bouw van kolonies. De Deense bank heeft Hapoalim toegevoegd aan zijn lijst van maatschappijen waarin het bedrijf niet kan investeren wegens zijn regels betreffende maatschappelijk verantwoord ondernemen.

In januari heeft het Noorse ministerie van Financiën aangekondigd, dat het besloten heeft, de Israëlische firma's Africa Israël Investments en Danya Cebus uit te sluiten van zijn Government Pension Fund Global.

Volgens de aankondiging had het ministerie van Financiën op 1 november een aanbeveling ontvangen van de Raad voor Ethica om de twee maatschappijen uit te sluiten van het fonds "omwille van hun bijdrage tot ernstige schendingen van de individuele rechten in oorlogs- of conflictsituaties door de bouw van kolonies in Oost-Jeruzalem."

Ofir Akunis, lid van de Knesset, riep de Duitse bank op om op haar beslissing terug te komen. "Een Duitse bank die Joden boycot? Kan zoiets? Zulke dingen zijn in het verleden ook gebeurd", schreef hij op zijn Facebook account. "In het licht van de geschiedenis zou deze bank beter op haar onethische beslissing terugkomen!"

Bron: http://www.haaretz.com/news/diplomacy-defense/1.574743

 

En ook dit nog (korte notities)

 

  • Op 22 maart heeft het Israëlische leger in het vluchtelingenkamp Jenin drie Palestijnen gedood. (Le Monde, 23.3.2014, p. 5). Een van hen werd reeds vroeger driemaal gevangen genomen door Israël en vijfmaal door de Palestijnse nationale Autoriteit. Er werden ook 14 Palestijnen gewond, van wie twee in kritische toestand verblijven. Dit gebeurde bij een poging tot arrestatie van een Palestijnse “activist”.
  • Israël op oorlogspad (1): op 24 februari drongen Israëlische straaljagers het Libanese luchtruim binnen om nabij het dorp Nabi Chit in de Beeka-vallei aan de Syrische grens een “wapenkonvooi” van de Hezbollah te bombarderen. (Le Monde, 27.2.2014, p. 4)
  • Israël op oorlogspad (2): Israël heeft op 5 maart in de Rode Zee ter hoogte van Soedan een Iraans vrachtschip Klos C geënterd met Syrische raketten bestemd voor de Gazastrook. Israël kreeg hulp van de Amerikaanse inlichtingendienst om de boot op te sporen. (Le Monde, 7.3.2014, p. 5)
  • Op 10 maart werd de Palestijns-Jordaanse rechter Raed Zeiter (38 jaar) door een Israëlische soldaat bij de overgang van de brug Allenbybrug tussen Jordanië en Israël doodgeschoten. De Palestijnse autoriteit eist de oprichting van een internationale onderzoekscommissie. (La Libre Belgique, 11.3.2014, p. 14). Dezelfde dag werd een Palestijnse betoger Saji Sayel Darwich (20 jaar) op een weg dichtbij de Israëlische kolonie Ofra ten noordoosten van Ramallah doodgeschoten toen hij stenen naar Israëlische soldaten gooide. Eind februari hebben Israëlische soldaten in de stad Bir Zeit een Palestijn gedood die ze probeerden te ontvoeren. Op 22 januari heeft de Israëlische luchtmacht twee Palestijnen in de Gazastrook “uitgeschakeld”. Een van hen werd ervan verdacht een raket naar het Israëlisch grondgebied te hebben afgevuurd. (Le Monde, 23.1.2014, p. 8).
  • Het nieuw rapport van Amnesty International beschrijft hoe Israël sinds januari 2011 meer en meer gebruik maakt van onnodig, willekeurig en brutaal geweld tegen Palestijnen op de bezette Westelijke Jordaanoever. Voor het jaar 2013 heeft Amnesty International bewijsmateriaal verzameld over de dood van 22 Palestijnse burgers in de Westbank, waarvan minsten 14 tijdens betogingen. De meesten onder hen waren jonger dan 20 jaar. Volgens de Verenigde Naties werden in 2013 meer Palestijnen gedood door Israëlische troepen op de Westelijke Jordaanoever dan tijdens de twee voorgaande jaren samen. De afgelopen drie jaar vielen 45 dodelijke slachtoffers.

http://www.aivl.be/nieuws/blind-israelisch-geweld-op-de-westelijke-jordaanoever/45489#.Uyd72s6VkSY

  • De Palestijnse zanger Mohammed Assaf, die de liedjeswedstrijd Arab Idol won en in een vluchtelingenkamp in de Gazastrook opgroeide, zegt dat hij gevraagd werd om te zingen op de openingsceremonie van de wereldbeker voetbal op 12 juni in Brazilië, maar dat die uitnodiging na druk van 'bepaalde landen of groepen' weer is ingetrokken. Uit solidariteit zou de Colombiaanse zangeres Shakira beslist hebben om de openingsceremonie te boycotten. (De Standaard, 17.2.2014, p. 17).
  • in de Gazastrook werd in augustus van vorig jaar een 1,8 meter groot standbeeld van Griekse god Appolo door een visser op het strand ontdekt. Het beeld zou zo'n 10 miljoen dollar waard zijn. (De Morgen, 12.2.2014, p. 14).
  • Op 25.2.2014 vertelde een parlementslid van Hamas dat voor de kust van de Gazastrook een gasveld op de zeebodem werd ontdekt. (métro, 26.2.2014, p. 4). In tijden van blokkade is dit hoopgevend nieuws.
  • Nu de vissers regelmatig door de Israëlische marine beschoten worden en hun boten in beslag genomen worden, moet de bewoners van de Gazastrook dure vis uit Egypte door de tunnels importeren voor zover deze niet door het regime van de nieuwe Egyptische opperbevelhebber Sisi werden vernield.
  • In Spanje heeft het Congres ingestemd met een voorstel om de bevoegdheden van justitie bij onderzoeken naar internationale schendingen van de mensen drastisch te beperken. Aanklachten wegens oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide kunnen alleen nog worden behandeld als de daders Spanjaarden zijn of in Spanje wonen en als de slachtoffers tijdens de feiten Spaanse burger zijn geweest. De Israëlische militairen of politici kunnen nu Spanje bezoeken zonder verontrust te worden. (De Standaard, 13.2.2014, p.17).
  • Spanje wil een historische vergissing rechtzetten. In 1492 besliste het koningspaar Isabella van Castilië en Ferdinand II van Aragon om alle joden te verdrijven die zich niet tot het katholicisme wilden bekeerden. Tussen 50 000 en 200 000 joden moesten toen Spanje verlaten. Hun nakomelingen zijn nu ongeveer 3,5 miljoen. Deze sefardim of sefardische joden krijgen nu de kans om naar Spanje terug te keren. De Spaanse consulaten van Jeruzalem en Tel Aviv ondergingen sinds februari een echte stormloop van joden die een paspoort aanvroegen. Ze zullen evenwel nog moeten wachten tot het voorstel door het Spaans parlement is aangenomen. (La Libre Belgique, 7.3.2014, p. 14). Misschien kan Israël nu ook eens overwegen om de historische vergissing van 1948 recht te zetten en de toen verjaagde Palestijnse vluchtelingen het recht op terugkeer toe te kennen.
  •  Al sinds enige tijd voeren de Afrikaanse asielzoekers actie tegen de weigering van de Israëlische regering om hen de status van vluchteling te verlenen en tegen de opening van een detentiecentrum in de Naqab (Negev woestijn). Ze kunnen dat centrum overdag verlaten maar mogen geen werk zoeken. In februari heeft Israël een dertigtal Afrikaanse asielzoekers naar Oeganda teruggestuurd. Dat zou gebeurd zijn op vrijwillige basis en met een premie van zo'n 2 500 euro. (De Standaard, 20.2.2014, p 21).
  • De Israëlische ultrarechtse groep Levaha is boos op de eerste minister Benjamin Netanjahu omdat die ermee instemt dat zijn zoon Yair verkeert met een niet joods meisje uit Noorwegen. Volgens Levaha geeft de premier “een legitimiteit aan de assimilatie en de vernietiging van het joodse volk” (Le Soir, 30.1.2014, p. 2). 
  • In Frankrijk verordent de richtlijn Alliot-Marie van 2010 de procureurs om personen die tot boycot van Israëlische producten oproepen, strafrechtelijk te vervolgen. Pascal Boniface, auteur van het boek “La France malade du conflit israélo-palestinien” verbaast zich erover dat de socialistische minister van Justitie Christiane Taubira deze richtlijn nog steeds niet heeft ingetrokken. Hij voegt er zelfs aan toe dat Israël het voorbeeld van Frankrijk heeft gevolgd. (Le Soir, 12.3.2014, p 11). Inderdaad, het Israëlische parlement keurde in juli 2011 een soortgelijke wet goed. Op 16 februari heeft het Israëlische hooggerechtshof deze wet onderzocht zonder een beslissing te nemen.
  • David Cameron, de Britse premier, verklaarde op 12 maart in het Israëlische parlement: “Voor wie oproept tot een boycot van Israël heb ik een duidelijke boodschap: Groot-Brittannië is daartegen”. (De Standaard, 13.3.2014, p. 15).
  • Israël wil het woord 'nazi' verbannen. Het parlement heeft een voorstel goedgekeurd dat het uiten van nazi-scheldwoorden verbiedt. Overtreders riskeren een half jaar cel. (De Morgen, 17.1.2014, p. 2).