Het verhaal van de op- en neergang van de stad Jaffa.

Het verhaal van de op- en neergang van de stad Jaffa.

Zeezicht vanop de kust van Jaffa vandaag de dag: mooi en romantisch zicht maar de tranen van het pijnlijke heden en verleden zijn niet zichtbaar.

 

Jaffa is één van de steden die we bezochten op de inforeis, die georganiseerd werd door Palestina Solidariteit in de zomer van 2014. Vóór het ontstaan van Israël in 1948 was het een bloeiende havenstad. Het verhaal van de stad ná 1948 was minder opwekkend. Onze plaatselijke gids Sami vertelt het verhaal:

Vandaag de dag is Jaffa een stad die bij de meeste mensen enkel nog bekend staat als de kleine, oudere stad in de schaduw van Tel Aviv. Lang vóór de staat Israël ontstond en lang vóór de eerste steen van Tel Aviv gelegd werd, was Jaffa echter een in heel het Midden-Oosten bekende en welvarende havenstad. Tevens was het zowel economisch, demografisch en cultureel de belangrijkste stad van heel Palestina. Dat voorrecht had Jaffa deels te danken aan het feit dat zijn ligging geografisch zeer belangrijk was. Het ontstaan van de welvaart had Jaffa voor een groot deel te danken aan de fruitteelt. Een lokale variëteit van appelsienen, de Shamoeti, bleek op een bepaald ogenblik zeer geschikt voor de export: niet alleen door zijn kwaliteit maar ook door zijn dikke schil, wat hem zeer geschikt maakte voor de export over zee. (Door de dikke schil raakte deze appelsienenvariëteit niet snel beschadigd). Hierdoor nam de vraag  snel toe. Reeds in de 19de eeuw was de teelt en export van deze appelsienen zeer belangrijk en de export groeide zeer snel: in 1930 was de export reeds 5000.000 boxen of kratten(=400.000.000 appelsienen) op 3 á 4 maanden tijd. Israëli's beweren vandaag graag dat dit succes te danken was aan het ondernemerschap van de zionistische kolonisten. De zionistische appelsienteelt werd echter pas belangrijk vanaf de komst van de Britten, na WOI, en kwam zelfs dan qua hoeveelheid nooit in de buurt van de autochtone Palestijnse appelsienteelt . (De Britten zélf bouwden wél een deel van de haven van Jaffa). Als gevolg van de export werd Jaffa zeer welvarend en de welvaart van Jaffa trok veel Arabische mensen aan uit heel het M.O. en Noord-Afrika. (We stoppen op onze toer door de oude stad van Jaffa even bij de woning van een toenmalige Marokkaanse handelaar, waarvan de deur rijkelijk versierd is met sierlijk smeedwerk). Vóór 1948 groeide de economie van Jaffa enorm. Zo enorm dat het economisch belang van de haven van Jaffa op een bepaald ogenblik belangrijker werd dan dit van alle Libanese havens samen en Jaffa  economisch gezien één van de belangrijkste steden werd van het hele Midden-Oosten. Ook qua infrastructuur was Jaffa goed ontwikkeld: de eerste spoorlijn werd aangelegd in 1890. Deze spoorlijn liep via Turkije helemaal tot in Europa. Op cultureel vlak ontwikkelde Jaffa zich snel: vóór de oorlog van 1948 reeds bezat Jaffa 8 cinema's. (We stoppen even bij een oude cinema die destijds al goed was voor 1200 plaatsen). Dat de latere metropool Tel Aviv ontstond naast de havenstad Jaffa was dan ook niet toevallig: in de schaduw van de stad Jaffa kon Tel Aviv uitgroeien van een handvol kleine nederzettingen tot de stad die het is vandaag. Door het ontstaan van Israël en het verdwijnen van Palestina eindigde de bloeiperiode van Jaffa echter abrupt: een groot deel van de bevolking ging noodgedwongen op de vlucht of werd met geweld verdreven door Israëlische troepen. Voor de overgebleven Palestijnse inwoners van de wijken rond Jaffa was het resultaat weinig beter: een groot deel van de Palestijnse bewoners werd gedwongen samen gebracht in 1 wijk. Deze wijk werd afgezet met prikkeldraad en bewaakt door Israëlische soldaten en zonder 'permit' (pasje) werd het verlaten van de wijk gedurende jaren onmogelijk. Voor de inwoners was dit een traumatische ervaring. Gedwongen verdreven uit hun eigen wijken dienden zij te wonen in dit 'getto', onderwijl passeerden zij elke dag, op weg naar hun werk, hun voormalige eigendommen. Dit zorgde voor een enorm en collectief psychologisch trauma met als resultaat dat Jaffa in enkele tientallen jaren evolueerde van 1 van de belangrijkste economische polen van het Midden-Oosten naar een oord van miserie, drugs en criminaliteit. Vandaag de dag is de oude stad van Jaffa mooi gerestaureerd maar ook de Palestijnse bevolking van ná 1948 is reeds lang verdwenen: deze werd door een sluipende politiek van de Israëlische overheid vervangen door hippe en rijke joodse immigranten.

(Noot: cynisch aspect aan het verhaal van Jaffa is dat een groot deel van de vluchtelingen van 1948 terecht kwam in Gaza, wat de voorbije zomer het toneel was van een ongemeen harde Israëlische agressie. Dit plaatste de Palestijnse inwoners van Jaffa opnieuw in een psychologisch bijzonder moeilijke situatie: inwoner van de staat Israël die agressie pleegt op een gebied waarmee zij door hun familiebanden nog steeds nauw verbonden zijn).

(De Jaffa-sinaasappelen zijn tot vandaag de dag nog steeds te vinden in de winkelrekken van onze grootwarenhuizen. Met de autochtone boeren of handelaars heeft het echter niets meer te maken: de merknaam 'Jaffa' was een zodanig commerciële hit dat Israël deze gewoon overnam.)