Schrijf eens een brief

Het is heel belangrijk om te reageren op de berichtgeving en om uw mening belend te maken. Volg het voorbeeld van onderstaande personen.

 

Over de goedkeuring van de resolutie van het Vlaams Parlement betreffende de erkenning van de Palestijnse staat (verstuurd op 18 juni 2015)

 

Dag Lieven De Rouck en N-VA-fractie,

 

Als lid van de N-VA en van ‘Palestina Solidariteit’ druk ik mijn ontevredenheid en afkeuring uit over de goedkeuring door het Vlaams Parlement van de resolutie ‘betreffende de erkenning van de Palestijnse staat’.

 

Door die resolutie wordt immers de Palestijnse staat NIET erkend als staat.

 

N-VA-parlementslid Jan Van Esbroeck, bezieler van deze resolutie, licht toe: “Met deze resolutie dringen we er op aan de Palestijnse staat te erkennen als staat op het ogenblik dat het meest geschikt wordt geacht, dat betekent parallel met vredesonderhandelingen tussen Israël en de Palestijnse autoriteiten.”

 

Dit doet mij onmiddellijk denken aan de uitspraak van wijlen kardinaal Van Roey op een vraag naar amnestie: “Ce n’est pas encore le moment”.

Volgens Jan Van Esbroeck van de N-VA is het moment dat als meest geschikt wordt geacht het ogenblik “parallel met vredesonderhandelingen tussen Israël en de Palestijnse autoriteiten”. Wie de situatie al gedurende decennia aandachtig volgt, die gelooft niet meer in Sinterklaas.  

Er zal hiervoor nooit een geschikt moment zijn zoals het ‘jamais le moment’ was, is en zal zijn voor ‘de Belgische staat’ i.v.m. amnestie.

 

En toch ben ik ervan overtuigd dat Palestina EENS erkend zal zijn als ‘staat’. Maar wanneer en vooral hoe?

Binnen de VN hebben afzonderlijk reeds 135 van de 193 landen Palestina erkend als ‘staat’. Maar een officiële erkenning door de Veiligheidsraad is nog niet voor morgen. Er zal vooraf heel wat moeten gebeuren om Israël te dwingen om alle betreffende VN-resoluties uit te voeren. En daarvoor ontbreekt voor het ogenblik de ‘politieke wil’ van de grootmachten. Een  onvoorwaardelijke erkenning van Palestina als ‘staat’ door het Vlaams Parlement had een daadwerkelijke bijdrage kunnen zijn voor een oplossing van het Israëlisch-Palestijns conflict. Een gemiste kans!

                                                                                                                            

Mark Cornelis – Leuven

 

reactie op Bernard-Henri Levy “Een Jodenster voor de Joodse staat?”, verstuurd op 24 juni 2015 naar De Standaard.

 

De linkse Franse filosoof Bernard-Henri Lévy schrijft (De Standaard, 24 juni, p. 38-39) dat men Israël niet mag boycotten omdat dit land de enige democratie in het Midden-Oosten is. Is dit wel zo? Israël voert regelmatig bombardementen  uit in Syrië. Volgens een onderzoek van de Verenigde Naties werden tijdens de laatste oorlog in de Gazastrook 2251 Palestijnen gedood, waaronder 1462 burgers. Israël weigerde elke medewerking aan het onderzoek. Meer nog, de nieuwe regering wil elke buitenlandse financiële steun aan de Israëlische ngo’s schrappen als ze, zoals Breaking the Silence, kritiek hebben op Israël en het Israëlische leger. Wat de Israëlische verkiezingen betreft worden bij elke regeringsvorming de Palestijnse partijen systematisch geboycot. En dan zijn er nog binnen Israël de discriminaties van de Palestijnen op gebied van huisvesting, onderwijs en tewerkstelling.

Werner De Bus – Brussel

 

Misschien kunnen we Bernard-Henri Lévy herinneren aan het ontstaan van de staat Israël. Israël is ontstaan uit etnische zuivering van het grootste deel van het historische Palestina tijdens de oorlog van 1948-1949. 531 Palestijnse dorpen en elf steden/stadswijken werden ontvolkt en verwoest. De Palestijnse oorspronkelijke inwoners werden verdreven en door een wet verhinderd nog ooit terug te kunnen keren. Ze kregen ook nooit schadevergoeding. Mr Levy noemt dit waarden als respect voor de mensenrechten, terwijl het misdaden waren tegen de menselijkheid.

Mijnheer Levy schrijft dat Israël die waarden is blijven uitdragen en in grote lijnen trouw eraan is gebleven. De realiteit en de feiten aan de grond geven een totaal verschillend beeld: Israël bezet de Westbank, de Gazastrook en Oost-Jeruzalem, en schendt daarmee het internationaal recht. Verschillende VN-resoluties van de Veiligheidsraad roepen op om de bezetting te stoppen. Maar in plaats van zich te schikken volgens het internationaal recht en de VN worden er dagelijks nog gronden van de Palestijnen gestolen om kolonies te bouwen en uit te breiden. Dit is ook een schending van het internationaal recht. In de Gazastrook werd de burgerbevolking al driemaal gedurende weken gebombardeerd. Honderdduizend Palestijnen zijn nog steeds dakloos sinds de aanval in 2014. Ook de nieuw verkozen regering doet er geen doekjes om: sommige ministers waarschuwen nu reeds dat er bij de volgende oorlog ‘geen’ burgers meer zijn, maar iedereen mag dan gebombardeerd worden. Hoe kan meneer Levy dan zeggen dat Israël mensenrechten respecteert?

Inderdaad focus op Israël. Deze zogenaamde democratische staat wordt al meer dan 67 jaar gesteund door onze regeringsleiders. De BDS-leden willen niet dat hun belastinggeld gaat naar het in stand houden van een Apartheidsstaat. We zijn lang blind gebleven in het westen, maar gelukkig beginnen onze politici in te zien dat ze de jarenlange mensenrechtenschendingen steunen. Zij willen niet langer medeplichtig zijn aan misdaden tegen de menselijkheid.

De BDS campagne ontvangt geen geld van Qatar of Saoedi Arabië. Mijnheer Levy valt de BDS campagne aan en probeert haar in diskrediet te brengen. Hij weet zeer goed dat deze campagne gedragen wordt door vrijwilligers, die opkomen voor gerechtigheid en zij zijn niet om te kopen met geld of bezwijken niet onder bedreigingen.

Dit staat in de BDS-oproep: “Deze geweldloze strafmaatregelen moeten behouden blijven tot Israël voldoet aan zijn verplichting om het onvervreemdbare Palestijnse recht op zelfbeschikking te erkennen en volledig voldoet aan de voorschriften van het internationaal recht door:

1.    een eind te maken aan de bezetting en de kolonisering van alle Arabisch land en de muur af te breken;

2.    het fundamentele recht op volledige gelijkheid te erkennen van de Arabisch-Palestijnse inwoners van Israël;

3.    de rechten van de Palestijnse vluchtelingen om naar hun huizen en eigendommen terug te keren te respecteren, te beschermen en te promoten, zoals voorzien in VN resolutie 194.”

Dus gelijke rechten voor àlle inwoners, voor joden, moslims en christenen. Niet zoals nu in Israël, democratie voor joden allèèn, zoals in het blanke Zuid-Afrika destijds democratie was voor blanken allèèn. De BDS beweging gaat voor échte vrede: een staat met gelijke rechten voor alle inwoners en geen joodse staat die elke dag racistische wetten uivoert.

Opnieuw verdachtmaking met judenfrei. In de realiteit zien we het resultaat van de langdurige en brutale mensenrechtenschendingen. Mensen vluchten en zoeken betere oorden op, zelfs met boten over de Middellandse zee. Als Israël niet onder druk gezet wordt, wordt het binnenkort niet judenfrei, maar Palestijnenfrei.

Israël heeft onlangs nog extra 100 miljoen sheikel uitgetrokken tegen de BDS campagne: het werkt blijkbaar!

Myriam Van de Can 

 

Reactie op artikel van Bart Eeckhout “Kunstenaars gelieve niet na te denken” over  de culturele boycot van Israël, verstuurd op 7 mei 2015 naar De Morgen

Uw discours slaat hier nergens op.

Elk evenement, cultureel of wat anders, met internationaal karakter, dat Israël organiseert is politiek. Anders gaat het niet door.

De PR machine is uiterst professioneel en gebruikt alles wat er gebeurt om het gezicht van Israël op te poetsen.

Als iemand aan het festival deelneemt zou hij moeten weten dat hij politiek gebruikt wordt en dat zijn kunst niet ter zake doet.

“Culturele sector geen politieke partij” zei u?

 

En op menselijk vlak.

U benadrukt zelf in een paar woorden dat Israël in Gaza het beest heeft uitgehangen.

We zouden kunnen aannemen dat de kunstgroep ook humor met clowns ging opvoeren of cabaret met muziek voor hen waarvan zij wisten dat zij de moordenaars zijn van de kinderen van de buurman.

Het hadden ook uw kinderen kunnen zijn, toevallig op de verkeerde plaats. Er werd geen onderscheid gemaakt.

 

Zal Borremans hun felicitaties aanvaard hebben?

 

“ Dat ze nu vervangen wordt door de gedachte dat ‘geen kunst’ de wereld kan redden, is even betwistbaar.”

Misschien, maar het is een zaak van elementair fatsoen.

 

Nog altijd geen probleem?

 

Dan maar als mens terug naar af.

 

Johan Van Hulle – Zomergem