Op 9 juli 2004 heeft het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in Den Haag een baanbrekend advies uitgebracht over de bouw van de apartheidsmuur door Israël in de bezette Palestijnse gebieden. Deze uitspraak blijft een van de belangrijkste juridische oordelen over deze bezetting, aangezien hierin het standpunt werd verworpen dat de muur uitsluitend een veiligheidsmaatregel was. In plaats daarvan oordeelde het Hof dat het ontwerp van het tracé bedoeld was om grond te annexeren en illegale nederzettingen te faciliteren, waarmee het internationaal recht werd geschonden.
Het ICJ concludeerde dat de bouw van de muur, samen met het bijbehorende regime, in strijd is met het internationaal recht. Het Hof stelde vast dat:
→ Het tracé van de muur is in strijd met De Vierde Geneefse Conventie en diverse mensenrechtenverdragen.
→ De muur het recht op zelfbeschikking van het Palestijnse volk ernstig beperkt, onder meer wat betreft hun economische ontwikkeling en vrijheid van verkeer.
→ De Israëlische kolonies in het bezette gebied in strijd met het internationaal recht.
Het Internationaal Gerechtshof heeft duidelijke verplichtingen voor Israël en andere staten vastgesteld:
→ Voor Israël: De bouw onmiddellijk stopzetten, bestaande delen binnen het bezette gebied ontmantelen, de betreffende wetten intrekken en schadevergoeding verlenen voor alle veroorzaakte schade.
→ Voor andere staten: De illegale situatie die voortvloeit uit de bouw van de muur, niet erkennen en geen hulp of bijstand verlenen aan het handhaven ervan.
Ondanks deze uitspraak blijft de apartheidsmuur grotendeels intact en is de uitbreiding van de kolonies voortgezet. In 2024 bevestigde het Internationaal Gerechtshof (ICJ) bovendien dat de aanwezigheid van Israël op de Westbank en in Oost-Jeruzalem volgens het internationaal recht onwettig is en zo snel mogelijk moet worden beëindigd.
Op 31 mei 2026 werd Imad Ishtayeh doodgeschoten door een Israëlische soldaat toen hij probeerde over de muur te klimmen om zijn werkplek in Israël te bereiken, een tragisch voorbeeld van hoe de apartheidsmuur het dagelijks overleven criminaliseert. Sinds oktober 2023 heeft Israël duizenden Palestijnen de toegang tot Israël ontzegd onder het vage mom van “veiligheidsredenen”, waardoor de lokale economie wordt verstikt en familiebanden worden verbroken.
Bovendien heeft de Europese Unie nog steeds geen verbod ingesteld op de handel in goederen uit deze illegale kolonies, waarmee zij haar verplichtingen uit hoofde van het internationaal recht schendt.
We moeten ervoor zorgen dat onze regeringen het internationaal recht naleven, de handel met deze genocidale staat beëindigen en de ontmanteling van deze illegale muur eisen. Zwijgen is medeplichtigheid.

