'PEACE TO PROSPERITY'-PLAN

Het plan 'Peace to Prosperity'

President Trump kondigt het vredesplan voor het Midden-Oosten aan als een historisch plan, de ‘deal van de eeuw’. Dat alleen president Netanyahu naast hem staat, is tekenend voor hoe het plan tot stand is gekomen en voor de inhoud ervan.

Hoofdlijnen van het plan

Jeruzalem

  • Jeruzalem blijft de ‘ongedeelde hoofdstad van Israël’. 

  • Palestijnen mogen in de wijken van Oost-Jeruzalem de hoofdstad van hun toekomstige staat vestigen. De VS zal er een ambassade openen. 

  • Voor het beheer van de heilige plaatsen in de stad blijft alles bij het oude.

Nederzettingen en Jordaanvallei

  • Alle onder internationaal recht illegale Israëlische nederzettingen worden ingelijfd door Israël. Datzelfde geldt ook voor de ‘buitenposten’ (‘outposts’), hoewel die zelfs onder Israëlisch recht illegaal zijn. 

  • Ook de Jordaanvallei wordt in het plan deel van Israël.

Palestijnse staat

  • Er kan een Palestijnse staat komen, echter onder strikte voorwaarden.

  • De grenzen van die staat zijn niet die van juni 1967, zoals in de internationaal aanvaarde tweestatenoplossing, maar bestaat uit een lappendeken van enclaves. Deze zijn omgeven door Israëlisch grondgebied. 

  • Gaza en de Westelijke Jordaanoever worden in het plan verbonden door een tunnel of viaduct. 

  • Het verlies van het grondgebied op de Westoever wordt gecompenseerd met twee enclaves in de Naqab-woestijn (Negev) in Israël, langs de grens met de Egyptische Sinaï. Een weg verbindt ze met de Gazastrook.

  • Vanuit de Palestijnse enclaves op de Westelijke Jordaanoever leiden twee wegen door de Israëlische Jordaanvallei naar de grensovergangen met Jordanië. De grensovergangen worden gecontroleerd door Israël.

  • Binnen de grenzen van 1967 op de Westoever komen 15 Israëlische nederzettingen, die met Israël worden verbonden door wegen. Israël is verantwoordelijk voor de veiligheid van nederzettingen en wegen. Tijdens eventuele vredesonderhandelingen zal Israël afzien van uitbreiding van deze nederzettingen.

  • Palestijnse plaatsen vormen kleine enclaves in Israëlisch gebied. Wegen verbinden ze met de rest van Palestina. Hun veiligheid wordt gegarandeerd door Israël.

  • Israël krijgt de ‘verantwoordelijkheid voor de veiligheid’ in het hele gebied ten westen van de rivier de Jordaan, inclusief het luchtruim en het ‘elektromagnetische spectrum’. Het heeft het recht de situatie in Palestina met behulp van drones en andere technologische middelen in de gaten te houden.

  • Palestina krijgt geen leger. Israël krijgt het recht in Palestina in te grijpen als het verboden militaire of andere ‘vijandige’ activiteiten vermoedt. Voor bouwprojecten in de buurt van de grens hebben de Palestijnse autoriteiten ‘veiligheidstoestemming’ van Israël nodig.

  • De Palestijnen worden ‘zoveel mogelijk’ verantwoordelijk voor de interne veiligheid. Zij moeten aantonen dat de eigen veiligheidsdiensten daartoe in staat zijn. Israël krijgt één of meer ‘early warning stations’ in Palestina, en vrije toegang daartoe.

  • De Palestijnse regering mag geen leden van Hamas, Islamitische Jihad of soortgelijke bewegingen hebben, tenzij zij zich geheel aan het vredesplan committeren. 

  • De staat moet een aantoonbaar, zeer intensief anti-terrorismebeleid voeren, dat door Israël wordt beoordeeld.

  • De staat mag alleen verdragen met andere staten en internationale organisaties sluiten met goedkeuring van Israël. 

  • Het indienen van klachten bij internationale gerechtshoven is niet toegestaan. 

  • Alle lopende Palestijnse klachten tegen Israël of zijn onderdanen bij het Internationaal Strafhof, het Internationaal Gerechtshof en andere tribunalen moeten worden ingetrokken.

  • De staat dient de betalingen aan Palestijnen in Israëlische gevangenissen en aan families van gedode Palestijnen direct te staken. 

  • Er moet een einde komen aan alle vormen van ‘ophitsing tegen Israël’. Schoolboeken en -programma’s moeten vrij zijn van ‘haat’ en ‘het aanzetten tot criminaliteit of geweld’.

  • De staat Palestina dient Israël te erkennen als ‘de natiestaat van het joodse volk’. Andersom erkent Israël Palestina als ‘de natiestaat van het Palestijnse volk’.

Gaza

  • Gaza wordt verbonden met twee nieuwe Palestijnse enclaves in de Israëlische Naqab.

  • Hamas, Islamitische Jihad en ‘andere terreurgroepen’ dienen te worden ontwapend en Gaza wordt net als de Westelijke Jordaanoever gedemilitariseerd. 

  • Het bestuur moet in handen komen van de Palestijnse Autoriteit of een andere partij die voor Israël acceptabel is. 

  • Israël controleert de territoriale wateren van Gaza en houdt controle op de landgrenzen.

  • Vijf jaar na sluiting van een eventueel vredesakkoord krijgen de Palestijnen, met Israëls goedvinden, het recht een eiland voor de kust van Gaza aan te leggen, waar zij een haven en een luchthaven voor kleine vliegtuigen mogen bouwen.

Grenzen

  • Israël houdt controle op alle grensovergangen. 

  • Alle personen en goederen die Palestina ingaan worden gecheckt door Israëlische functionarissen.

Vluchtelingen

  • De vluchtelingen die in 1947-1949 uit hun woonplaatsen in het huidige Israël zijn verdreven, verliezen hun recht op terugkeer. Dat geldt ook voor hun nakomelingen. 

  • Israël hoeft geen enkele vluchteling op te nemen, noch compensatie te betalen voor geconfisqueerde eigendommen.

  • Voor deze vluchtelingen, en voor de vluchtelingen die in 1967 uit Oost-Jeruzalem en van de Westelijke Jordaanoever zijn verdreven, wordt in beperkte mate vestiging in de Palestijnse staat mogelijk. De rest van hen moet worden opgenomen door de landen waar zij nu verblijven, of door landen van de Organisatie voor Islamitische Samenwerking, op voorwaarde dat die daartoe bereid zijn.


 

Reacties

Er is zeer veel kritiek gekomen op het plan van de regering van de VS. 

Mahmud Abbas van de Palestijnse Autoriteit (PA) verklaarde dat het plan thuis hoort ‘in het vuilnisvat van de geschiedenis’. De PA zegt op 30 januari de Oslo-akkoorden van 1995 die met Israël zijn ondertekend, op en brengt Israël hiervan op de hoogte. Ayman Odeh van de Palestijnse Verenigde lijst in de Knesset noemt het plan ‘een gerichte moordaanslag op de tweestatenoplossing.

De Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem vergelijkt het plan met ‘een Zwitserse kaas, waarvan de kaas voor de Israëli’s is en de gaten voor de Palestijnen’. De organisatie Peace Now noemt het plan een ‘politieke stunt’ die ‘volledig los staat van de werkelijkheid’. En zo zijn er veel andere kritische joodse stemmen.

In de Arabische wereld hebben Saoedi-Arabië, Koeweit, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten een gematigde reactie vanwege hun nauwe connecties met de VS. Marokko en Egypte reageren eveneens gematigd.

De Arabische Liga verwerpt het plan. 

Jordanië, Iran en Turkije zijn erg afwijzend.

Secretaris-generaal António Guterres van de VN is kritisch en verklaart dat het Israëlisch-Palestijnse conflict moet worden opgelost op basis van VN-resoluties en internationaal recht. De grenzen van 1967 moeten het uitgangspunt blijven.

Namens de Europese Unie verklaart buitenlandvertegenwoordiger Josep Borrell het plan te zullen bestuderen. De EU benadrukt dat de enige realistische oplossing van het conflict de tweestatenoplossing is, gebaseerd op ‘de legitieme aspiraties van zowel de Palestijnen als de Israëli’s, en op alle relevante VN-resoluties en internationaal overeengekomen maatstaven’. 

De Afrikaanse Unie wijst het plan van Trump af. De organisatie stelt dat het plan in strijd is met talloze resoluties van de Unie en de Verenigde Naties. De Unie zal de Palestijnen blijven steunen in hun ‘legitieme streven naar een onafhankelijke en soevereine staat met Oost-Jeruzalem als hoofdstad’. Volgens de Zuid-Afrikaanse president Cyril Ramaphosa roept het plan pijnlijke herinneringen op aan de beruchte Bantoestans onder het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime.

 

De Liga van Arabische Staten en de Organisatie voor Islamitische Samenwerking besluiten om het Amerikaans ‘vredesplan’ te behandelen in de schoot van de VN-Veiligheidsraad. Tunesië en Indonesië, niet-permanente leden die de Arabische en Islamitische wereld vertegenwoordigen, werken een resolutietekst uit. De resolutie herbevestigt vooral het respect voor het internationaal recht. Volgens de bindende VN-resolutie 242 uit 1967 - die toen door alle landen werd goedgekeurd - zijn de Israëlische nederzettingen op Palestijns grondgebied in strijd met het internationaal recht. 

De resolutietekst wordt meermaals aangepast om zoveel mogelijk steun de vergaren binnen de Veiligheidsraad. 

De Verenigde Staten menen dat de resolutie hun plan zal ondermijnen en voeren daarom de diplomatieke druk op de andere leden van de Veiligheidsraad flink op.

Ook het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken krijgt meerdere telefoontjes vanuit de Verenigde Staten. Minister van Buitenlandse Zaken Philippe Goffin (MR) en Jared Kushner belden- op vraag van die laatste - over de kwestie. 

De Amerikaanse druk mist haar effect niet. Een resolutie wordt maar aanvaard als ze door negen van de vijftien leden wordt goedgekeurd en niet stuit op een veto van één van de permanente leden. Door het duw- en trekwerk van de Verenigde Staten was het niet langer zeker dat voldoende landen de resolutie zouden goedkeuren. Voor Washington een uitstekende piste omdat ze hun veto niet moeten inzetten. Reden genoeg om de stemming in te trekken. 

Voornaamste bronnen: middleeastmonitor.com; middleeasteye.net; rightsforum.org; vrt.be